Module 1: feedback, feed up, feed forward
Na het doorlopen van dit leerpad kan je: - de concepten feed up, feedback (& feedbackniveaus) en feed forward toelichten. - de verschillende niveaus van feedback herkennen.
Volgende
Verschillende vormen
Wat zijn de verschillen tussen feedback, feed up en feed forward?
How am I going? Feedback richt zich op de voortgang ten opzichte van de gestelde doelen. Je kan feedback geven op vier niveaus:- taakniveau - procesniveau - zelfregulatie- zelfniveau
Where to next Feed forward richt zich op toekomstige acties. Aan de hand van observaties en analyses van prestaties moeten mentoren concrete handelingssuggesties kunnen formuleren.
Where am I going? Feed up verwijst naar het expliciet duidelijk maken van de verwachtingen en doelen. Duidelijke doelen zorgen ervoor dat student-leraren hun handelen goed kunnen afstemmen op de beoogde uitkomst, maar ook dat ze hun strategieën kunnen bijsturen
Feed up
Feed forward
Feedback
Use this side of the card to provide more information about a topic. Focus on one concept. Make learning and communication more efficient.
Use this side of the card to provide more information about a topic. Focus on one concept. Make learning and communication more efficient.
Use this side of the card to provide more information about a topic. Focus on one concept. Make learning and communication more efficient.
Title
Title
Title
Write a brief description here
Write a brief description here
Write a brief description here
Video met uitleg
Oefeningen
Feedback
Volgende
Bekijk deze video t.e.m. 2m 10s
Feedback
Taakniveau Feedback op het product. Is de taak goed uitgevoerd?
Procesniveau Feedback op het afgelegde proces. Hoe ben je tot het resultaat gekomen?
How am I going? Feedback richt zich op de voortgang ten opzichte van de gestelde doelen. Je kan feedback geven op vier niveaus: - taakniveau - procesniveau - zelfregulatie - zelfniveau
Zelfregulatie Feedback over het inzicht in eigen kunnen. Kan jij je eigen acties monitoren en bijsturen?
Zelfniveau TE VERMIJDEN Feedback op de persoon. Wat ben jij creatief!
Terug
Volgende
Feedback
Context: Nabespreking na observatie van de les. Mentor (taakniveau): “Je hebt het lesdoel duidelijk op het bord gezet en ook mondeling toegelicht. Dat voldeed aan de afspraak die we vooraf maakten.” Student-leraar: “Dat ging wel beter dan vorige keer, vond ik.” Mentor (procesniveau): “Wat goed werkte, was dat je bij elke stap van de instructie een voorbeeld gaf. Daardoor konden de meeste leerlingen meteen zelfstandig aan de slag. Ik merkte wel dat je vooral dezelfde leerlingen bevroeg bij het checken van begrip.”
Student-leraar: “Ja, ik val precies altijd op dezelfde leerlingen terug.” Mentor (zelfregulatieniveau): “Wat denk je zelf dat je kan helpen om breder te checken of iedereen mee is? Welke strategie zou je volgende keer kunnen inzetten?” Student-leraar: “Ik zou vooraf kunnen bedenken wie ik zeker wil aanspreken, of werken met wisbordjes.” Mentor: “Dat lijkt me een sterke strategie. Je benoemt zelf al goed wat je kan aanpassen."
Terug naar start
Terug
Feed up
Where am I going? Feed up verwijst naar het expliciet duidelijk maken van de verwachtingen en doelen. Duidelijke doelen zorgen ervoor dat student-leraren hun handelen goed kunnen afstemmen op de beoogde uitkomst, en dat ze hun strategieën kunnen bijsturen.
Context: Aansluitend op de feedback. Mentor: “Op basis van deze les stel ik voor dat je je voor de volgende les focust op één concreet actiepunt: actiever checken of alle leerlingen de instructie begrepen hebben.” Student-leraar: “Hoe pak ik dat best aan?” Mentor: “Concreet raad ik je drie dingen aan. - Bouw na je uitleg een vast moment in waarop leerlingen individueel een korte vraag beantwoorden, bijvoorbeeld op een wisbordje. - Formuleer vooraf minstens twee controlevragen die ook inzicht vragen, niet alleen reproductie. - Noteer na de les kort voor jezelf welke vragen goed werkten en welke minder.”
Student-leraar: “Dat is heel concreet, daar kan ik mee aan de slag.” Mentor: “Mooi. Zo werk je stap voor stap verder richting het doel dat we samen vooropgesteld hebben.”
Terug naar start
Feed forward
Context: Voorafgaand aan een lesobservatie. Mentor: “Voor ik je volgende les observeer, wil ik eerst duidelijk maken waarop ik zal letten. Het belangrijkste doel voor deze les is dat je heldere instructie geeft en checkt of alle leerlingen mee zijn.” Student-leraar: “Wat bedoel je precies met heldere instructie?” Mentor: “Concreet verwacht ik drie dingen. Ten eerste: je start met het benoemen van het lesdoel in leerlingentaal. Ten tweede: je geeft je uitleg stapsgewijs en ondersteunt die met een voorbeeld op het bord.
Where to next? Feed forward richt zich op toekomstige acties. Aan de hand van observaties en analyses van prestaties moeten mentoren concrete handelingssuggesties kunnen formuleren.
En ten derde: je controleert actief of leerlingen begrijpen wat ze moeten doen, bijvoorbeeld door gerichte vragen te stellen." Student-leraar: “Oké, dan weet ik waar ik me op moet focussen.” Mentor: “Goed. Dit zijn uitdagende maar haalbare doelen. Tijdens de nabespreking kijken we samen in welke mate dit gelukt is en wat je verder kan versterken.”
Terug naar start
Oefening 1
OPDRACHT: Probeer in eigen woorden de verschillen tussen feedback, feed up en feed forward toe te lichten.
Volgende
Oefening 2
Terug
Volgende
Bekijk deze video t.e.m. 3m 30s
Oefening 2
OPDRACHT: Denk na over je eigen mentor-mentee gesprekken en probeer voor ieder vak een toepassing te noteren. Doe dit op een apart blad en breng het mee naar de volgende les.
Terug naar start
Terug
Terug
Module 1: Kennis
Anne Govaert
Created on April 23, 2026
Start designing with a free template
Discover more than 1500 professional designs like these:
View
Smart Presentation
View
Practical Presentation
View
Essential Presentation
View
Akihabara Presentation
View
Flow Presentation
View
Terrazzo Presentation
View
Dynamic Visual Presentation
Explore all templates
Transcript
Module 1: feedback, feed up, feed forward
Na het doorlopen van dit leerpad kan je: - de concepten feed up, feedback (& feedbackniveaus) en feed forward toelichten. - de verschillende niveaus van feedback herkennen.
Volgende
Verschillende vormen
Wat zijn de verschillen tussen feedback, feed up en feed forward?
How am I going? Feedback richt zich op de voortgang ten opzichte van de gestelde doelen. Je kan feedback geven op vier niveaus:- taakniveau - procesniveau - zelfregulatie- zelfniveau
Where to next Feed forward richt zich op toekomstige acties. Aan de hand van observaties en analyses van prestaties moeten mentoren concrete handelingssuggesties kunnen formuleren.
Where am I going? Feed up verwijst naar het expliciet duidelijk maken van de verwachtingen en doelen. Duidelijke doelen zorgen ervoor dat student-leraren hun handelen goed kunnen afstemmen op de beoogde uitkomst, maar ook dat ze hun strategieën kunnen bijsturen
Feed up
Feed forward
Feedback
Use this side of the card to provide more information about a topic. Focus on one concept. Make learning and communication more efficient.
Use this side of the card to provide more information about a topic. Focus on one concept. Make learning and communication more efficient.
Use this side of the card to provide more information about a topic. Focus on one concept. Make learning and communication more efficient.
Title
Title
Title
Write a brief description here
Write a brief description here
Write a brief description here
Video met uitleg
Oefeningen
Feedback
Volgende
Bekijk deze video t.e.m. 2m 10s
Feedback
Taakniveau Feedback op het product. Is de taak goed uitgevoerd?
Procesniveau Feedback op het afgelegde proces. Hoe ben je tot het resultaat gekomen?
How am I going? Feedback richt zich op de voortgang ten opzichte van de gestelde doelen. Je kan feedback geven op vier niveaus: - taakniveau - procesniveau - zelfregulatie - zelfniveau
Zelfregulatie Feedback over het inzicht in eigen kunnen. Kan jij je eigen acties monitoren en bijsturen?
Zelfniveau TE VERMIJDEN Feedback op de persoon. Wat ben jij creatief!
Terug
Volgende
Feedback
Context: Nabespreking na observatie van de les. Mentor (taakniveau): “Je hebt het lesdoel duidelijk op het bord gezet en ook mondeling toegelicht. Dat voldeed aan de afspraak die we vooraf maakten.” Student-leraar: “Dat ging wel beter dan vorige keer, vond ik.” Mentor (procesniveau): “Wat goed werkte, was dat je bij elke stap van de instructie een voorbeeld gaf. Daardoor konden de meeste leerlingen meteen zelfstandig aan de slag. Ik merkte wel dat je vooral dezelfde leerlingen bevroeg bij het checken van begrip.”
Student-leraar: “Ja, ik val precies altijd op dezelfde leerlingen terug.” Mentor (zelfregulatieniveau): “Wat denk je zelf dat je kan helpen om breder te checken of iedereen mee is? Welke strategie zou je volgende keer kunnen inzetten?” Student-leraar: “Ik zou vooraf kunnen bedenken wie ik zeker wil aanspreken, of werken met wisbordjes.” Mentor: “Dat lijkt me een sterke strategie. Je benoemt zelf al goed wat je kan aanpassen."
Terug naar start
Terug
Feed up
Where am I going? Feed up verwijst naar het expliciet duidelijk maken van de verwachtingen en doelen. Duidelijke doelen zorgen ervoor dat student-leraren hun handelen goed kunnen afstemmen op de beoogde uitkomst, en dat ze hun strategieën kunnen bijsturen.
Context: Aansluitend op de feedback. Mentor: “Op basis van deze les stel ik voor dat je je voor de volgende les focust op één concreet actiepunt: actiever checken of alle leerlingen de instructie begrepen hebben.” Student-leraar: “Hoe pak ik dat best aan?” Mentor: “Concreet raad ik je drie dingen aan. - Bouw na je uitleg een vast moment in waarop leerlingen individueel een korte vraag beantwoorden, bijvoorbeeld op een wisbordje. - Formuleer vooraf minstens twee controlevragen die ook inzicht vragen, niet alleen reproductie. - Noteer na de les kort voor jezelf welke vragen goed werkten en welke minder.”
Student-leraar: “Dat is heel concreet, daar kan ik mee aan de slag.” Mentor: “Mooi. Zo werk je stap voor stap verder richting het doel dat we samen vooropgesteld hebben.”
Terug naar start
Feed forward
Context: Voorafgaand aan een lesobservatie. Mentor: “Voor ik je volgende les observeer, wil ik eerst duidelijk maken waarop ik zal letten. Het belangrijkste doel voor deze les is dat je heldere instructie geeft en checkt of alle leerlingen mee zijn.” Student-leraar: “Wat bedoel je precies met heldere instructie?” Mentor: “Concreet verwacht ik drie dingen. Ten eerste: je start met het benoemen van het lesdoel in leerlingentaal. Ten tweede: je geeft je uitleg stapsgewijs en ondersteunt die met een voorbeeld op het bord.
Where to next? Feed forward richt zich op toekomstige acties. Aan de hand van observaties en analyses van prestaties moeten mentoren concrete handelingssuggesties kunnen formuleren.
En ten derde: je controleert actief of leerlingen begrijpen wat ze moeten doen, bijvoorbeeld door gerichte vragen te stellen." Student-leraar: “Oké, dan weet ik waar ik me op moet focussen.” Mentor: “Goed. Dit zijn uitdagende maar haalbare doelen. Tijdens de nabespreking kijken we samen in welke mate dit gelukt is en wat je verder kan versterken.”
Terug naar start
Oefening 1
OPDRACHT: Probeer in eigen woorden de verschillen tussen feedback, feed up en feed forward toe te lichten.
Volgende
Oefening 2
Terug
Volgende
Bekijk deze video t.e.m. 3m 30s
Oefening 2
OPDRACHT: Denk na over je eigen mentor-mentee gesprekken en probeer voor ieder vak een toepassing te noteren. Doe dit op een apart blad en breng het mee naar de volgende les.
Terug naar start
Terug
Terug