Want to create interactive content? It’s easy in Genially!
Parkinson
DPG Media
Created on November 5, 2020
Start designing with a free template
Discover more than 1500 professional designs like these:
View
Visual Presentation
View
Vintage Photo Album
View
Animated Chalkboard Presentation
View
Genial Storytale Presentation
View
Higher Education Presentation
View
Blackboard Presentation
View
Psychedelic Presentation
Transcript
25 Persoonlijke verhalen over de ziekte van Parkinson
Alexandra van Staaveren, Graft we speelden boven het gif
,,Als een collega durft te beweren dat alleen een chemisch bestrijdingsmiddel oplossing biedt, dan kan ik fel worden. Tjonge, denk ik dan. Daardoor ben ik ziek geworden. Het is gif, gevaarlijk gif.” Alexandra van Staaveren (52) uit het Noord-Hollandse dorp Graft krijgt in 2016 de diagnose ziekte van Parkinson. Ze denkt dat zij de ziekte heeft gekregen door blootstelling aan pesticiden.
,,Mijn vader was melkveehouder”, zegt Van Staaveren, tegenwoordig werkend voor een natuurbeschermings- organisatie. ,,Regelmatig liep hij met een rugspuit met gif over
het land om ongewenste planten te bespuiten, zoals brandnetels. Wij moesten al jong meehelpen op de boerderij en dus liep ik zelf vanaf ongeveer mijn twaalfde ook rond met zo’n spuit. Allemaal onbeschermd, dat was normaal in die tijd.”
Van Staaveren groeit op als de jongste uit een gezin van zeven op een boerderij in Vijfhuizen, een dorp in de Haarlemmermeer. Ze moet onder andere meehelpen met het wassen van schappen. ,,Dat gebeurde met een middel dat niet bepaald fris rook. Wat voor middel dat was, weet ik niet. Maar het was tegen maden of rotkreupel. Op de plek waar we de dieren wasten, groeide niets meer. Dat zegt genoeg.”Haar beste vriendinnetje op de lagere school is dochter van een akkerbouwer. ,,Bij hun op de boerderij hadden ze een gifschuur, waar alle bestrijdingsmiddelen stonden opgeslagen. Op het zoldertje van die schuur hadden wij onze hut. Daar speelden we hele dagen. Als kind heb ik er nooit bij stilgestaan dat die vreemde geur kwam door het gif onder ons, laat staan dat het gevaarlijk kon zijn.” De vader van haar vriendinnetje krijgt op latere leeftijd een neurologische aandoening. ,,Daardoor kon hij slecht lopen”, zegt Van Staaveren. ,,Hij weet dat zelf aan het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen.” Parkinson heeft haar leven veranderd. ,,Als ik kijk naar andere Parkinsonpatiënten, dan mag ik niet klagen. Dan vallen mijn klachten nog mee. Maar tegelijkertijd zie ik aan hen wat ik óók kan krijgen: het perspectief dat alles alleen maar erger wordt, is verschrikkelijk.” Van Staaveren vindt dat bestrijdingsmiddelen strenger getoetst moeten worden. ,,De toelatingseisen zoals die nu zijn, zijn gedateerd. Er wordt helemaal nauwelijks gekeken naar de risico’s op bijvoorbeeld Parkinson of andere verwante ziektes voordat bestrijdingsmiddelen op de markt worden toegelaten. Onverantwoord, vind ik dat.”
angela egberts, ter aar ZONDER GIF KON MIJN VADER DE KOMKOMMERS GEDAG ZEGGEN
,,We woonden aan een lange, rechte weg met alleen maar boerderijen en kwekerijen, waar volop bestrijdingsmiddelen werden gebruikt. Drie mensen uit diezelfde weg kregen Parkinson, onder wie ik. Dat lijkt mij geen toeval meer.” Angela Egberts uit het Zuid-Hollandse dorp Ter Aar is net twee dagen 50, als ze te horen krijgt dat ze de ziekte van Parkinson heeft. De diagnose komt hard binnen. ,,Ik ben een moeder van vier kinderen. Het was alsof de wereld onder mijn voeten wegzakte.” Egberts - inmiddels 55 jaar - groeit op in Nieuwveen, een
dorp vlakbij Ter Aar. Haar ouders hebben een boerenbedrijf waar groenten worden verbouwd. ,,Ik vond het boerenleven zelf niet zo interessant, ook niet toen ik jonger was. Zodoende heb ik weinig geholpen op het land. Maar ik woonde wel tussen de velden. Daar werd volop gespoten.”
Een uitzending van het onderzoeksjournalistieke televisieprogramma Zembla over bestrijdingsmiddelen zet haar aan het denken. Zou zij ook Parkinson hebben als ze níet in Nieuwveen zou zijn opgegroeid? ,,Vroeger stond ik nooit stil bij mogelijke gevolgen van bestrijdingsmiddelen. Maar sinds ik Parkinson heb en over de mogelijke gevaren van pesticiden heb gelezen, ben ik sceptisch geworden. Drie gevallen van Parkinson in zo’n klein gebied, dat kan bijna geen toeval zijn. Toch?” Ze begrijpt dat boeren bestrijdingsmiddelen gebruiken. ,,Als ik terugdenk aan mijn vader, dan weet ik dat hij dat gif gewoon nodig had. Anders kon hij de komkommers wel gedag zeggen en hadden we geen brood op de plank. In een ideale wereld zou er geen gif gebruikt moeten worden, maar wat is voor boeren het alternatief? Is dat er wel?” Medicatie helpt haar de dag door, iedere dag opnieuw. ,,Het ergste van Parkinson is nadenken over de toekomst, over dat wat straks allemaal niet meer kan. Daarom probeer ik vooral in het nu te leven, om te genieten van dat wat nog wel kan.”
Anna Verrijt, Bussum IK LIEP MET MIJN VADER OVER DE VELDEN ALS HIJ PESTICIDEN SPOOT
,,Mijn broer kreeg een hersentumor toen hij 25 was. Hij is daar later aan overleden. Hij was niet de enige in de buurt. Er waren opvallend veel mensen met kanker. Zelf kreeg ik de ziekte van Parkinson. Ik heb altijd geroepen dat je hier niet moet wonen. Het is een vuil en ongezond gebied.”
Anna Verrijt (69) uit Bussum komt niet graag in de plaats waar ze is opgegroeid. Het gaat om Heusden in de Brabantse gemeente Asten, een klein dorp in de Peel dat in de volksmond ook wel Asten-Heusden wordt genoemd omdat in Brabant een stadje bestaat met dezelfde naam. Haar ouders hadden buiten het dorp een boerenbedrijf.
,,Mijn vader is later één van de eerste grote kippenboeren van de omgeving geworden”, zegt Verrijt. ,,Hij verbouwde daarnaast aardappelen. In de Peel is in de vorige eeuw veel grond ontgonnen om om er landbouwgrond van te maken. Boeren zoals mijn vader gebruikten veel bestrijdingsmiddelen om de grond zo schoon en vruchtbaar mogelijk te krijgen. Hij ging dan met de rugspuit over de velden en ik liep er dan geregeld achteraan. Zo liep ik dwars door de nevel van pesticiden. Ook onkruid om het erf werd ermee weggespoten.”
Verrijt heeft de ziekte van Parkinson en vermoedt dat onder andere blootstelling aan pesticiden heeft bijgedragen aan de ontwikkeling van haar ziekte. ,,Ik kan het niet bewijzen, maar als ik kijk naar de omgeving waar ik ben opgegroeid dan zijn daar opvallend veel mensen met neurologische aandoeningen of met kanker. Mijn broer kreeg op zijn 25ste een hersentumor. Hij is overleden toen hij 31 was. Zo kan ik er nog vijf opnoemen met hersentumoren. Het is een sterk vervuilde omgeving.” Met dat laatste doelt Verrijt op vervuilde ondergrond. ,,Veel boeren die een bedrijf begonnen in dit gebied kregen gratis afval van de zinkfabriek in Budel, om daar hun wegen en erven mee te verharden. Mijn ouders hebben daar eveneens gebruik van gemaakt. Jaren later kwamen ineens mannen in witte pakken alles afgraven en weghalen. De grond bleek overal veel vuiler dan werd gedacht. Er bleek onder andere cadmium in te zitten, een giftige stof. Wij speelden op die grond.” De diagnose ziekte van Parkinson krijgt Verrijt in 2017. ,,Mijn eerste klachten had ik al veel eerder, maar die heb ik nooit met elkaar in verband gebracht. Het ergste van de ziekte vind ik dat het mijn creativiteit aantast. Ik ben beeldend kunstenaar en produceer veel minder sinds mijn ziekte. De wil om schilderijen te maken is er wel, maar de creativiteit is er door Parkinson nog nauwelijks.”
Arnoldus van de Kaa, Odoornerveen HET GIF KOMT HIER GEWOON OVERWAAIEN
,,We wonen als het ware in the middle of nowhere, tussen de akkers. Helaas moesten we al snel stoppen met ons moestuintje, vanwege het overwaaiende gif dat de landbouwers om ons heen gebruiken.” Arnoldus (Ad) van de Kaa (86) koopt in 1980 met zijn vrouw Ada een oud boerderijtje in Odoornerveen, een klein dorp in Drenthe, om het hectische leven in het midden van het land te ontvluchten. Ze knappen het boerderijtje samen op en gebruiken de omliggende grond om flora en fauna de ruimte te geven. In 2017 krijgt hij de diagnose ziekte van Parkinson.
Ad van de Kaa vermoedt dat hij ziek is geworden door blootstelling aan pesticiden. ,,Ik kan mij vermoedens niet bewijzen, maar volgens wetenschappers zorgt blootstelling aan pesticiden voor een verhoogd risico op de ziekte van Parkinson. Het kan dus zijn dat de bestrijdingsmiddelen die hier in de omgeving worden gebruikt, hebben bijgedragen aan de ontwikkeling van mijn ziekte.”
Van de Kaa en zijn vrouw wonen in landelijk gebied. ,,We worden omsloten door akkers waarop voornamelijk aardappelen, suikerbieten en graan worden verbouwd en waarop meerdere malen per jaar pesticiden worden gespoten. Dat is ook de reden waarom we al snel zijn gestopt met ons moestuintje. Het gif komt hier gewoon overwaaien. Aan datzelfde gif worden wij nu al veertig jaar blootgesteld.” Wat voor gif wordt gebruikt, weet hij niet. ,,De landbouwers houden ons niet op de hoogte van frequentie, soort middel en de bijhorende toxiciteit. Tegelijkertijd hebben wij zelf daar ook nooit naar gevraagd.”
Door zijn ziekte is hij achteruit gegaan, zegt hij. ,,De medicatie die ik krijg voor Parkinson helpt helaas niet meer tegen het trillen en de spasmen. Bovendien verergeren de hallucinaties. Lopen gaat alleen nog met een rollator en ik val geregeld. Zo heb ik dit voorjaar mijn arm gebroken bij een valpartij. Ik ben inmiddels ernstig gehandicapt en de vooruitzichten zijn niet gunstig.” Van de Kaa vindt dat bestrijdingsmiddelen streng getoetst moeten worden op schadelijke effecten voor de omgeving. Volgens hem gebeurt dat nu te weinig. ,,Als uiteindelijk bewezen kan worden dat er meer Parkinsonpatiënten zijn door het gebruik van pesticiden, dan heeft de overheids mijns inziens heel wat uit te leggen als het gaat over het toelatingsbeleid van dit soort middelen.”
Elze Marchinus Hidding, Hoogezand IK KON EN WILDE NIET GELOVEN DAT IK PARKINSON HEB
,,Ik heb jarenlang intensief met chemische bestrijdingsmiddelen gewerkt. Dat deed ik thuis op de boerderij, met de rugspuit op de velden. Maar later ook in de boomkwekerij en als loonwerker bij de bestrijding van aaltjes in aardappelen. Voor mijzelf staat vast dat ik door het gif ziek ben geworden.”
Elze Marchinus Hidding (77) uit het Groningse Hoogeveen heeft al meer dan dertig jaar de ziekte van Parkinson. Hij is ervan overtuigd geraakt dat blootstelling aan pesticiden heeft bijgedragen aan ontwikkeling van ziekte. ,,Ik las in de media dat er steeds meer wetenschappelijk bewijs
is voor een verband tussen pesticiden en een verhoogd risico op Parkinson”, zegt Hidding. ,,Dat zette mij aan het denken. Ik heb in mijn leven veel van dat gif van dichtbij gezien. Het kan bijna niet anders dan dat ik daardoor ziek ben geworden.”
Hidding groeit op in Ekamp, een gehucht vlakbij Winschoten. Zijn ouders hebben daar een boerderij. ,,Die boerderij staat er nog steeds”, zegt Hidding. ,,Maar intussen heeft veel van de omgeving plaatsgemaakt voor Blauwestad. Dat is een project waarbij landbouwgrond heeft plaatsgemaakt voor een nieuw meer, het Oldambtmeer. Mijn ouders hadden destijds een gemengd bedrijf en zoals dat veelal gaat op een boerderij, hielp ik mee.” Hidding zegt dat hij geregeld met een rugspuit de velden over ging, om bijvoorbeeld onkruid te bestrijden. ,,Mijn ouders verbouwden onder andere bietenzaad en onkruid was ongewenst. We gebruikten verschillende soorten gif, de namen weet ik niet meer. Het spuiten gebeurde onbeschermd, daar dacht ik niet eens over na.” Al op jonge leeftijd krijgt Hidding last van psoriasis, een chronische huidziekte met schilfers, rode plekken, jeuk en soms pijn. ,,Ik wilde na de landbouwschool als boomkweker aan de slag. Daar heb ik twee jaar lang een cursus voor gevolgd. Maar de chemische groeistoffen die ik als boomkweker gebruikte, zorgden ervoor dat mijn psoriasis toenam. Na twee weken werken lag ik al in het ziekenhuis, mijn hele lijf zat eronder.” De droom om boomkweker te worden valt daarmee in duigen. Hidding gaat daarna enige tijd als loonwerker aan de slag. ,,Ook toen heb ik veel met pesticiden gewerkt. Vooral bij het bestrijden van aaltjes in aardappelen. Eén van de middelen die ik als loonwerker gebruikte was parathion, een insecticide. Dat was een zwaar middel, erg gevaarlijk.” Als hij 42 is, krijgt hij lichamelijke klachten. ,,Na een onderzoek in het ziekenhuis zei de arts dat ik mogelijk de ziekte van Parkinson had. Dat kon en wilde ik toen niet geloven. Ik heb er toen niets mee gedaan. Een paar jaar later zag een kennis, die zelf ook Parkinson had, mij lopen. Hij vertrouwde het niet - mijn loopje was volgens hem nogal gek - en toen ben ik nogmaals naar het ziekenhuis geweest.” Een MRI-scan geeft de artsen en zijn kennis gelijk. Hidding: ,,Ik ben ervan overtuigd dat als ik niet zoveel met bestrijdingsmiddelen zou hebben gewerkt, ik nu geen Parkinson zou hebben gehad.”
Erica van Laar, Roden IK WAS VEEL TE JONG OM PARKINSON TE HEBBEN
,,Ik was 48 jaar toen ik te horen kreeg dat ik Parkinson had. Ik kon het niet geloven. Die ziekte hoor je niet te krijgen op zo’n leeftijd. Later las ik in het Parkinson Magazine over bestrijdingsmiddelen en dat je daar Parkinson van kunt krijgen. Mijn gedachten gingen meteen terug naar vroeger.” Erica van Laar (66) uit het Drentse dorpje Roden groeide op in de Raambuurt in Deventer, een voormalig industriegebied dat later is omgebouwd tot woonbuurt. ,,We aten altijd aardappelen die werden bepoederd met een bepaald gif om uitlopers tegen te gaan. Wat voor middel dat was, weet ik
niet. Maar we aten er veel van. Het ging in augustus de opslag in en we deden er de hele winter mee.” Van zogeheten kiemremmers die uitlopers bij bijvoorbeeld aardappelen tegengaan, is niet bekend dat zij in verband gebracht worden met de ziekte van Parkinson. De bekendste kiemremmer is het middel chloorprofam (CIPC). Dit middel mag sinds dit jaar in Europa niet meer gebruikt worden, omdat het schadelijk zou zijn voor mens en milieu en met name jonge kinderen. Van Laar zegt dat ze desondanks vermoedt dat de bepoederde aardappelen hebben bijgedragen aan haar Parkinson. ,,Welk middel mijn ouders gebruikten, weet ik niet. Ook niet of ik daardoor ziek ben geworden, of door iets anders. Ik kan dat niet met zekerheid zeggen. Maar ik kreeg mijn diagnose toen ik 48 jaar was. Dat is op relatief jonge leeftijd. En van mensen met Parkinson die veelvuldig aan bestrijdingsmiddelen zijn blootgesteld, is bekend dat zij op gemiddeld jongere leeftijd Parkinson hebben gekregen dan andere mensen met dezelfde ziekte die niet zijn blootgesteld aan bestrijdingsmiddelen.” Ze heeft ‘gelukkig’ geen last van trillingen, zegt ze. ,,Of dat komt door de medicatie die ik heb voor mijn ziekte, weet ik niet. Welk loop ik steeds moeilijker en ben ik stijf. Fietsen gaat niet meer, omdat ik dan te vaak val. Dat is jammer. Het meest vervelende is dat zo onhandig ben geworden. Ik ben de controle over mijn eigen lichaam kwijt. Dat krijg ik nooit meer terug.” Ze sluit niet uit dat ook andere factoren hebben meegespeeld in de ontwikkeling van haar ziekte. ,,We woonden daar in de Raambuurt op sterk verontreinigde grond, zo bleek later. De bodem en het grondwater bleken allerlei hoge concentraties van giftige stoffen te bevatten, veroorzaakt door verfgroothandel Rouwenhorst. Later is alles gesaneerd. Dat zal ook niet bevorderlijk zijn geweest voor mijn gezondheid, denk ik.”
Frank Roos, Zwaag PARKINSON IS LEVENSVREUGDE BEPERKEND
,,Heerlijk, vonden we dat. Die verkoeling die de spray vanuit de spuitinstallatie achter de trekker ons gaf. Het was dan wel gif wat werd gespoten, maar het was warm op de lelievelden. Daarom werkten we zonder shirt. Wisten wij veel, we waren pubers.”
Frank Roos (47) uit Zwaag werkt in zijn jeugdjaren voor een leliekweker in Berkhout, net als Zwaag een klein dorp in Noord-Holland. Vakantie- en zaterdagwerk. Zes weken lang lelies koppen en allerlei werkzaamheden in de veldschuur. Op zijn 29ste krijgt hij de diagnose ziekte van Parkinson. Het heeft zijn leven voorgoed veranderd.
,,Ik krijg steeds sterker het gevoel dat pesticiden een rol hebben gespeeld bij de ontwikkeling van mijn Parkinson”, zegt Roos, die op zijn 42ste moet stoppen met werken door zijn ziekte. ,,Ondanks dat het werk op de lelievelden slechts vakantie- en zaterdagwerk was, was de blootstelling aan gif waarschijnlijk wel intens. We werkten bijvoorbeeld zonder shirt, dan werden we mooi bruin.” De eerste klachten krijgt hij als hij zo’n 28 jaar oud is. Het zijn trillingen. ,,Een jaar later kreeg ik de diagnose. Eerst in het Dijklander Ziekenhuis, later nog eens in het AMC. Inmiddels heb ik last van spierstijfheid, krampen, obstipatie, tremoren, een slechte stem, weinig energie en afhankelijk van het seizoen zijn sommige van deze klachten erger of milder.” Parkinson noemt hij ‘levensvreugde beperkend’. ,,Op mijn 42ste ben ik volledig en blijvend afgekeurd door het UWV, zonder uitzicht op terugkeer op de arbeidsmarkt. Ik heb voordat ik deze ziekte kreeg diverse studies gedaan, onder andere een masteropleiding in ICT management. Ik was op weg naar een managementfunctie, maar ik heb mijn carrière moeten beëindigen omdat ik het niet meer kon. Ik was lichamelijk en geestelijk uitgeput.” Hij staat niet per definitie negatief tegenover het gebruik van bestrijdingsmiddelen. ,,Zolang het veilig is, vind ik het geen probleem. Maar het moet geen impact hebben op mens of dier. Wat dat betreft vind ik het onvoorstelbaar dat er nog steeds soorten gif worden gebruikt die mogelijk gevaarlijk zijn voor mens of milieu.”
Ger Geurts, Velden HET IS VIES SPUL, DAT WEET IK NU
,,Insecticiden, fungiciden, herbiciden. We gebruikten bij de rozenteelt jarenlang allerlei soorten bestrijdingsmiddelen, soms ten overvloede. Het zou maar zo kunnen dat ik daardoor nu zo ziek ben geworden.” Ger Geurts (60) woont bijna heel zijn leven in het Limburgse Velden, een klein dorp vlakbij Venlo. In 2018 krijgt hij de diagnose ziekte van Parkinson. Ook zijn broer en een neefje hebben de ziekte. ,,We zijn allemaal tuinders”, zegt hij. Ger Geurts komt uit een groot tuindersgezin. ,,Mijn vader bouwde de eerste kas in 1958, twee jaar later werd ik
geboren als zesde kind. We hielpen allemaal mee in het bedrijf en in 1980 ben ik voor mijzelf begonnen, ook als tuinder. Eerst groenteteelt, later lange tijd rozen.” In al die jaren gebruikt Geurts veel bestrijdingsmiddelen, zegt hij nu. ,,Vroeger nam men het niet zo nauw met veiligheidsvoorschriften. Er werd lacherig over gedaan. Bescherming gebruikten we nauwelijks. Pas vanaf de tijd dat we een spuitlicentie moesten hebben, ging ik er bewuster mee om. Toch kon je nooit helemaal voorkomen dat je in aanraking kwam met die middelen.” In de jaren tachtig begint hij met rozenteelt. ,,Daarmee nam het gebruik van bestrijdingsmiddelen toe, tot meerdere malen per week. Allerlei soorten gif. Van insecticiden tot glyfosaat. Een tijdje geleden vroeg een alternatief genezer mij om alle middelen die ik heb gebruikt op te sommen. Dat werd een lange lijst, daar schrok ik zelf van.” Geurts is door zijn ziekte volledig afgekeurd. ,,Ik heb veel pijn en ben snel moe. De klachten nemen bovendien alleen maar toe.” ,,Ik weet niet zeker of ik ziek ben geworden door de bestrijdingsmiddelen. Daar kom ik nooit achter. Maar feit is dat ik er veel mee in aanraking ben gekomen. Bovendien hebben mijn broer en neefje het ook en zijn er hier in het dorp, waar veel tuinders wonen, nog een stuk of acht of negen mensen met Parkinson. Ik denk niet dat dat allemaal toeval is.” Over het gebruik van bestrijdingsmiddelen is hij anders gaan denken. ,,Het is vies spul, dat weet ik nu. Tegelijkertijd gebruikt men tegenwoordig lang niet meer zo veel als dat wij dat vroeger deden. Wat dat betreft is er vooruitgang. Maar zolang bepaalde schadelijke middelen die waarschijnlijk Parkinson kunnen veroorzaken nog gebruikt mogen worden, zijn we er niet.”
Gerben Dijkstra, Winschoten EEN VRIENDIN WEES MIJ EROP DAT IK BIJ EEN KWEKER HAD GEWERKT
,,Ik wilde aanvankelijk zo min mogelijk weten wat mijn ziekte zoal betekende. Ik googelde bewust zo min mogelijk op Parkinson en tv-programma’s en krantenartikelen over de ziekte meed ik. Toen wees een vriendin mij op een uitzending van Zembla.”
Gerben Dijkstra (41) uit het Groningse Winschoten krijgt eind 2018 de diagnose ziekte van Parkinson. Jaren van klachten gaan daaraan vooraf. ,,Ik sloot mij in die eerste tijd na de diagnose af. Had het er moeilijk mee en wilde mijn leven als het ware opnieuw vorm geven, zonder beïnvloed te worden door hoe anderen met deze ziekte omgingen.”
Een vriendin vertelt hem over een uitzending van onderzoeks-journalistiek televisieprogramma Zembla. In die uitzending wordt een verband gelegd tussen de blootstelling aan pesticiden en het ontstaan van de ziekte van Parkinson. ,,Zij wist dat ik in mijn tienerjaren bij een snijbloemenkweker had gewerkt, waar bestrijdings-middelen werden gebruikt. Ik heb de uitzending toen niet gekeken. Ik wilde gevrijwaard blijven van informatie over de ziekte die niet per se bijdroeg aan het verbeteren van mijn eigen situatie.”
Dijkstra krijgt zijn eerste klachten al rond 2012 - hij is dan begin dertig. Zijn been begint onbedoeld te trillen tijdens een yogacursus. ,,Dat was vreemd, maar ik sloeg er niet op aan. Ook de kleertjes aantrekken bij mijn kinderen, geboren in 2012 en 2013, ging lastig. Met name het opstropen van maillots. Net als andere klusjes. Maar ik bracht het allemaal niet met elkaar in verband.” In 2017 meldt hij zich alsnog bij de huisarts. Hij voelt zich vaak moe en uitgeblust en kan prikkels moeilijk verwerken. Uiteindelijk belandt hij bij de neuroloog. Enkele hersenscans wijzen in de richting van Parkinson en wanneer de voorgeschreven medicatie aanslaat, is de diagnose in november 2018 een feit. ,,Uiteindelijk ben ik die uitzending van Zembla toch gaan kijken”, zegt Dijkstra. ,,Enkele vrouwen vertelden voor de camera dat zij maar een korte periode waren blootgesteld aan bestrijdingsmiddelen. Dat was in hun jeugd geweest, bij de bloembollenoogst. Dat triggerde mij.” Dijkstra is in de jaren negentig zo’n vier jaar werkzaam bij een kleine sierbloementeler in het Friese dorp Oosterwolde. ,,Ik deed er allerlei werkzaamheden. Het middel Roundup werd daar gebruikt. In veruit de meeste gevallen spoot de teler zelf het middel middels een spuit achterop een kleine open trekker of met een rugspuit over de bloembedden. Dat laatste heb ik zelf ook enkele keren gedaan.” Of hij daardoor ziek is geworden, weet hij niet. ,,Ik weet dat het moeilijk te bewijzen is dat ik ziek ben geworden door blootstelling aan pesticiden in mijn jeugd. Ik wil mij ook niet bezighouden met een schuldvraag. Wel vind ik dat de discussie over bestrijdingsmiddelen opnieuw moet worden gevoerd. Er is namelijk voldoende wetenschappelijk bewijs dat een verband toont tussen Parkinson en pesticiden.”
Gerrit Jan de Jong, Uithuizen HET ROOIEN VAN BESPOTEN BOLLEN GEBEURDE ALTIJD ONBESCHERMD
,,Tulpen- en krokusbollen rooien. Daar verdiende je een aardig zakcentje mee. Ik heb dat een aantal jaar gedaan. Onbeschermd. Eerst op het veld, later op de tractor. Misschien ben ik daardoor ziek geworden.” Gerrit Jan de Jong (73) uit het Groningse Uithuizen krijgt in 2017 de diagnose ziekte van Parkinson. Daar gaat een paar jaar onderzoek aan vooraf. ,,Het begon met wat trillen ‘s nachts in bed. Later kwamen daar andere klachten bij. Ik hield met van alles rekening, maar niet met Parkinson…” De Jong werkt als tiener in de fruit- en bollenteelt in de
omgeving van Enkhuizen, West-Friesland. Hij vermoedt dat blootstelling aan bestrijdingsmiddelen toentertijd heeft bijgedragen aan de bestrijdingsmiddelen toentertijd heeft bijgedragen aan de ontwikkeling van zijn Parkinson. ,,Op mijn vijftiende begon ik met bessen plukken. Die besjes werden bespoten met bestrijdingsmiddelen, maar daar waren wij nooit bij. We plukten ze nadien wel met onze blote handen. Later ging ik naar de bollen, dat verdiende beter. Bollen rooien. Ook onbeschermd, wat welhaast vanzelfsprekend was in die tijd. Over bestrijdingsmiddelen werd vrij laconiek gedaan.” Die blootstelling vond meer dan vijftig jaar geleden plaats. ,,Daar ben ik mij van bewust. Maar ik heb verder gezond geleefd. Altijd veel aan beweging gedaan, hard gewerkt en gezond gegeten. En van Parkinson is bekend dat het zich vaak pas later openbaart.” Hij las over Parkinson en pesticiden in de media, zegt hij. ,,Toen ben ik mij daar verder in gaan verdiepen. Meerdere wetenschappelijke onderzoeken spreken van een verband tussen Parkinson en blootstelling aan bepaalde bestrijdingsmiddelen. Misschien gaat dit ook voor mij op. Zekerheid zal ik nooit krijgen.” Welk gif werd gebruikt destijds, weet hij niet. ,,Wij mochten niet in de gifschuur komen. Het maakt mij ook niet zozeer uit. Belangrijker vind ik dat meer Parkinsongevallen voorkomen worden. Ik ben niet meer te redden, maar anderen wel. Bestrijdingsmiddelen die verdacht worden van het kunnen veroorzaken van Parkinson, zouden verboden moeten worden.”
Hans Blok, Tholen HET ZAG IN DE WIJNGAARD SOMS HELEMAAL BLAUW
,,We hadden de wijngaard overgenomen van Italianen. Zij leerden ons wijn te maken. Daar hoorden bestrijdingsmiddelen bij. Mijn vrouw liep met de gifspuit door de wijngaard, ik volgde met de slang. Dwars door de nevel. Steeds weer. Toen wisten we niet dat bestrijdingsmiddelen in verband werden gebracht met Parkinson.”
Hans Blok (60) uit het Zeeuwse stadje Tholen woont sinds 2017 weer in Nederland. Hij heeft twaalf jaar lang met zijn vrouw in Italië een agriturismo gehad, een boerenbedrijf dat ook wordt ingezet voor toerisme. Tijdens zijn verblijf in Italië is bij hem de ziekte van Parkinson vastgesteld.
,,Dat was eind 2013”, zegt Blok. ,,Ons bedrijf was gevestigd in de omgeving van Pisa, in Toscane. Het was een grote wijngaard, daarnaast hadden we een olijfgaard. Vooral in de wijngaard werden allerlei bestrijdingsmiddelen gebruikt om de druiven te beschermen. We leerden dat van de Italianen, zij deden dat immers al sinds jaar en dag. Mijn vrouw liep dan voorop met de spuit, ik erachteraan met de slang door de nevel. Het zag soms helemaal blauw.”
Blok krijgt in Italië last van zijn benen. Hij denkt aan een hamstringblessure. ,,Die blessure ging alleen niet over. Toen moest ik naar de neuroloog. Een nucleaire scan maakte uiteindelijk een eind aan alle onduidelijkheid: er was sprake van dopaminetekort, dus Parkinson.” Als hij jaren later in Nederland leest over wetenschappelijke onderzoeken die verbanden leggen tussen Parkinson en bestrijdingsmiddelen, ontstaat bij hem de gedachte dat hij mogelijk zelf ziek is geworden door pesticiden. ,,Zeker weten doe ik het niet, maar al dat gif zal niet hebben geholpen. De middelen die we hebben gebruikt, waren volgens mij best zwaar.” Om welke middelen het ging, weet Blok niet meer. ,,Het was spul dat we gewoon in de tuincentra konden kopen. Volledig legaal. We gebruikten bij het spuiten ervan niet veel bescherming. Een sjaaltje om, dat was het wel. Geen beschermende pakken of maskers of iets dergelijks. We deden het gewoon zoals de Italianen het deden.” Parkinson beperkt hem dagelijks in zijn doen en laten. ,,Ik heb veel last van vermoeide benen. Parkinson is geen prettige ziekte. Vooral voor mijn vrouw is het zwaar, zij heeft maar met mij te kampen. Gelukkig proberen we samen er het beste van te maken.”
Henk Slats, Deventer SPROEIVLIEGTUIGEN WAREN INDRUKWEKKEND
,,Het was een bezienswaardigheid, die vliegtuigen die vroeger bij ons over vlogen om gif te sproeien over de bollenvelden. Ik weet nog goed dat ik als klein jongetje buiten stond te kijken naar die indrukwekkende machines.” Henk Slats (69) uit Deventer groeit op in Noordwijk, in de bollenstreek. Geregeld ziet hij sproeivliegtuigen voorbij vliegen die bestrijdingsmiddelen sproeien over het land nabij zijn ouderlijk huis. ,,Wij woonden net buiten het dorp, voorbij de laatste lantaarnpaal”, zegt Slats. ,,Die vliegtuigjes vlogen over ons huis. Later heb ik zelf ook op de velden gewerkt.
Dat gebeurde allemaal onbeschermd, wat gebruikelijk was voor die tijd.” Slats, die rond zijn twintigste uit Noordwijk vertrekt, krijgt in 2013 de diagnose ziekte van Parkinson. Hij heeft zich zijn pensioen anders voorgesteld. ,,Het perspectief dat ik op den duur bijna niets meer kan doen met mijn kleinkinderen, vind ik verschrikkelijk. Ik heb inmiddels veel last van tremoren, dat zijn trillingen. Eerst aan mijn linkerkant, maar nu ook rechts. Het is een nare ziekte; vooral omdat alles erger wordt en je daar geen invloed op hebt.” Slats denkt dat blootstelling aan pesticiden in zijn jeugd mogelijk een rol heeft gespeeld bij het krijgen van zijn ziekte. ,,Ik kan geen andere factoren bedenken die zo’n invloed hebben kunnen gehad als landbouwgif. Al die onderzoeken wijzen hetzelfde uit: er bestaat een verband tussen blootstelling aan landbouwgif en Parkinson. Waarom wordt hier niet serieuzer mee omgegaan? Naar het gebruik van gif moet strenger worden gekeken. Ook naar middelen die nu nog zijn toegestaan.” Slats probeert nog zoveel mogelijk actief te zijn in de maatschappij. ,,Ik doe veel vrijwilligerswerk, dat houdt mij actief. Zo ben ik vrijwilliger bij een supportersproject van voetbalclub Go Ahead Eagles en zet ik mij in voor de gemeentelijke adviesraad sociaal domein. Hoe lang ik dit allemaal nog kan doen, weet ik niet.”
Hennie Overmars, Raalte HET GIF KLOTSTE OVER ZIJN RUG
Praten is moeilijk voor Hennie, zegt zijn vrouw Annie Overmars-Groen. Daarom voert zij het woord. Ze is nu 43 jaar getrouwd met Hennie Overmars (69) uit Raalte, die ze ontmoette op de bruiloft van haar nicht. Bij haar man, een voormalig hovenier, is bijna dertig jaar geleden de ziekte van Parkinson vastgesteld. Hij was op dat moment 40 jaar.
,,Hij was vroeger nergens bang voor”, zegt Annie. ,,Als hij dan gif stond te spuiten met een rugspuit en de dop van het compartiment zat er weer eens niet goed op - wat vaker wel dan niet was, dan klotste het gif zo over zijn rug. Dan zei ik er wel wat van, maar hij lachte het weg. Hem kon niets gebeuren, dacht hij. Hij was immers jong en sterk. Hadden we het toen
maar geweten. Dat het zo schadelijk kon zijn.” Parkinson heeft het leven van het echtpaar op de kop gezet. Annie Overmars-Groen: ,,Als gevolg van zijn ziekte, kan Hennie steeds minder. Hij moest daardoor ook van werk veranderen en heeft een tijd lang voor de gemeente gewerkt op de begraafplaats. Soms moest hij helpen bij het graven van een nieuw graf. Dat vond ik benauwend. Hij viel namelijk nogal eens, als gevolg van zijn ziekte. Het werk op de begraafplaats heeft hij tot zijn vijftigste kunnen volhouden, daarna ging het echt niet meer.” Hennie was volgens zijn vrouw niet de enige hovenier bij wie op jonge leeftijd Parkinson werd vastgesteld. ,,Een collega van hem was nog maar in de twintig jaar, toen die eenzelfde diagnose kreeg. Voor ons heeft altijd vastgestaan dat het komt door het gif waarmee werd gewerkt. We hebben er weleens over nagedacht om erover te praten met zijn baas, maar wat dan? We willen niemand een schuldgevoel aanpraten, het was een andere tijd.. Bovendien was zijn baas getrouwd met mijn nicht; we hebben elkaar op hun huwelijk ontmoet.” Hennie Overmars woont inmiddels in een verpleeghuis. Thuis wonen ging niet meer. Alles gaat moeizaam, zegt zijn vrouw. ,,Hij heeft eind vorig jaar een hersenbloeding gehad. Hij was gevallen op zijn hoofd. Daardoor is hij hard achteruit gegaan. Het is niet waarschijnlijk dat hij ooit nog thuis komt.”
Jan Smolenaers, Brunssum OVER GEZONDHEIDSRISICO’S DACHTEN WE NIET NA
,,Wij gebruikten vooral maneb, een schimmelbestrijder. Dat middel is tegenwoordig verboden, omdat het de kans op het ontwikkelen van Parkinson versterkt. Dat mancozeb - dat bijna hetzelfde is - nog steeds is toegestaan, vind ik onbestaanbaar.” Jan Smolenaers (70) uit Brunssum kreeg twee jaar geleden de diagnose ziekte van Parkinson. Zijn één jaar oudere zus had de ziekte toen al dertien jaar. ,,We zijn beide opgegroeid op een boerderij waar volop bestrijdingsmiddelen werden gebruikt. Ik denk dat we daardoor ziek zijn geworden.”
Smolenaers groeit als zoon van een boer op in Nederweert, een plattelandsgemeente in Midden-Limburg. ,,Wij zijn in de jaren zestig overgegaan naar een gemengd boerenbedrijf. Toen zijn fruitteelt en groente erbij gekomen. We kregen een mooie boomgaard, vooral voor kleinfruit, waar volop werd gespoten. Soms wel 25 keer per jaar.” Het spuitwerk doet Jan. ,,In het begin liep ik rond met een rugspuit, volgens mij was dat altijd onbeschermd. Later deed ik het werk met de trekker. We gebruikten ontzettend veel bestrijdingsmiddelen. Vooral maneb, een fungicide. Dat middel is nu verboden, onder meer omdat het de kans op Parkinson versterkt.” In Nederweert wordt veel gespoten, zegt hij. ,,Er was in het dorp een jongen die we ‘de vink’ noemden, omdat hij vaak geel was. Dat kwam door het gebruik van een bepaald groeimiddel, wat bij aanraking van het lichaam zorgde voor gele verkleuring. We lachten erom. Over gezondheidsrisico’s van het gebruik van bestrijdingsmiddelen dachten we niet na.” Dat verandert als hij Parkinson krijgt. ,,Toen las ik dat deze ziekte door de wetenschap al lange tijd in verband wordt gebracht met blootstelling aan bestrijdingsmiddelen. Ondanks dat veel wetenschappelijke rapporten de gevaren bloot hebben gelegd, zijn veel middelen nog steeds toegestaan in Nederland. Zoals mancozeb, dat verwant is aan maneb. Dat middel is dus op zijn minst verdacht. Waarom mag het gebruikt worden dan? Onbestaanbaar, vind ik dat.”
Johan Vos, Haarlem* IN ONZE FABRIEK PRODUCEERDEN WIJ BESTRIJDINGSMIDDELEN
,,Mijn hand begon steeds vaker te trillen. Dat is de reden waarom ik naar de dokter ben gegaan. Ik werkte in een bestrijdingsmiddelenfabriek in Amsterdam. Al snel volgde de diagnose: de ziekte van Parkinson. Pas na mijn pensioen hoorde ik dat je van blootstelling aan bepaalde chemische stoffen deze ziekte kunt krijgen.”
Johan Vos (72) uit Haarlem heeft 37 jaar lang gewerkt in een chemische fabriek van Philips-Duphar, de chemietak van Philips. Deze bestrijdingsmiddelenfabriek aan de Ankerweg in Amsterdam was onder andere producent van Agent Orange, een herbicide dat door het Amerikaanse leger in de Vietnamoorlog als ontbladeringsmiddel werd ingezet.
Vos heeft de ziekte van Parkinson. In 2000 krijgt hij de diagnose. Jaren later, nadat hij leest over wetenschappelijke onderzoeksresultaten die verbanden aantonen tussen bestrijdingsmiddelen en de ziekte van Parkinson, ontstaat bij hem de gedachte dat hij mogelijk zelf ziek is geworden door bestrijdingsmiddelen. ,,Ik heb jarenlang met dit soort stoffen gewerkt”, zegt hij. ,,In de fabriek waar ik werkte, produceerden wij onkruidbestrijdingsmiddelen. Blootstelling aan bepaalde stoffen kon natuurlijk nooit helemaal voorkomen worden.” Johan Vos heet eigenlijk anders. Ook woont hij niet in Haarlem. Hij wil liever niet met zijn naam in de publiciteit uit angst hierop te worden aangesproken en is daarom geanonimiseerd. Bovendien wil hij zijn voormalig werkgever niet de schuld in de schoenen schuiven als het gaat over zijn ziekte. ,,Zij hebben mij altijd netjes behandeld, dus daar gaat het niet om”, zegt hij. ,,Maar als je leest dat boeren die veelvuldig worden blootgesteld aan bestrijdingsmiddelen een verhoogd risico hebben op het krijgen van Parkinson, dan zou dit toch ook zo kunnen zijn voor mensen die dit soort middelen maken?”| Philips-Duphar is onder andere bekend door een vuilstortschandaal in de Vogelmeerpolder bij Broek in Waterland. Hier werden in de jaren tachtig duizenden vaten met chemisch afval gevonden. Op sommige vaten was de afzender nog te lezen: Philips Duphar. Het afval moet in de jaren zestig hier zijn beland. Vos: ,,Ik heb als proces-operator in de fabriek gewerkt. In principe stond je niet in contact met stoffen, maar het gebeurde nogal eens dat bijvoorbeeld een leiding knapte. Dan ontsnapte het gif zo de fabriekshal in.” Vos weet niet of er meer voormalig collega’s ziek zijn geworden. ,,Ik heb daar in ieder geval geen signalen van. Dus dat spreekt de theorie tegen.” Zijn ziekte brengt hem veel ongemak. ,,Eigenlijk gaat alles minder dan voorheen. Praten, lopen, bewegen. Het gaat allemaal moeilijk. Parkinson is een vreselijke ziekte.” * De naam is geanonimiseerd.
José Heethaar, Haarle VAN VLIEGENGIF IN DE WOONKAMER TOT GIF OP HET LAND
,,Het was de neuroloog die mij erop wees. Hij vroeg of ik was opgegroeid op een boerderij en was blootgesteld aan bestrijdingsmiddelen. En ja, dat was ik. Wist ik veel dat je daar dus Parkinson van kan krijgen.” Die boerderij, die staat in het buitengebied van Twello, een dorp naast Deventer. Daar groeit José Heethaar-te Riele (63) op. Een gemengd bedrijf, met onder meer varkens en koeien. ,,Van jongs af aan hielp ik mee in de groentetuin, waar ook gif werd gestrooid”, zegt Heethaar-te Riele. ,,Dat gebeurde onbeschermd. Zo ook in de fruitboomgaard.
Gespoten appels aten we ongewassen op. Het was niet iets waar verder over werd nagedacht. Alsof gif ongevaarlijk was. We gebruikten het eigenlijk overal rond het huis. Van bussen vliegengif in de woonkamer tot gif op het land.” Ze is 53 als zij de diagnose ziekte van Parkinson krijgt. Toch gelooft ze dat ze de ziekte al veel langer heeft. ,,Mijn klachten begonnen minstens tien jaar eerder. Toen begon ik ietwat raar en ongemakkelijk te lopen, een soort dronkemansloopje. Erg vervelend en ongemakkelijk. Later kwamen daar ook de trillingen bij. Gelukkig kan ik die dankzij medicatie goed onder controle houden.” Heethaar-te Riele woont nu in Haarle, een dorp in Salland. ,,Of mijn Parkinson is veroorzaakt door bestrijdingsmiddelen durf ik niet met zekerheid te zeggen. Het is nooit onderzocht. Dat kan ook niet. Het neemt niet weg dat chemische bestrijdingsmiddelen gevaarlijk kunnen zijn voor mensen, dat geldt ook voor middelen die nu gangbaar zijn. Ik snap dat veel boeren denken dat ze niet zonder kunnen, vanwege een vermeend gebrek aan alternatieven, maar wie het niet probeert zal het ook nooit zeker weten.”
Marinus Geurtsen, Bemmel SPORTEN OM FIT TE BLIJVEN IN STRIJD TEGEN PARKINSON
,,Als jongste zoon van een boer hielp ik dagelijks mee op de boerderij. Zo kwam ik ook in aanraking met pesticiden. We gebruikten die een paar keer per jaar om bijvoorbeeld brandnetels te verwijderen. Dat gebeurde eigenlijk altijd onbeschermd.”
Marinus Geurtsen (54) uit Bemmel is de jongste zoon van een boer uit Ederveen, een klein dorp op de Veluwe. Bij hem is in 2013 de ziekte van Parkinson vastgesteld. Hij vermoedt dat blootstelling aan pesticiden heeft bijgedragen aan ontwikkeling van zijn ziekte.
Geurtsen heeft twee oudere broers en een zus. ,,Van ons vieren was ik degene die mijn vader het meest hielp”, zegt hij. ,,Mijn ouders hadden een klein gemengd boerenbedrijf, met een stuk of tien koeien en een aantal varkens. Een van de werkzaamheden die erbij hoorde, was het het kapot spuiten van ongewenste planten in de slootkanten, zoals brandnetels. Dat gebeurde een paar keer per jaar.”
Tot aan zijn twintigste woont Geurtsen op de boerderij. ,,We gebruikten niet veel bestrijdingsmiddelen, het was een soort noodzakelijk kwaad. Welke middelen wij gebruikten, weet ik niet. Maar het was gif om planten dood te krijgen en we gebruikten verschillende. Dat deden we in een groot olievat op een karretje en dat middel werd vervolgens aangelengd met water. Dan ging ik met de drukspuit aan het werk. Altijd onbeschermd. Daar werd eigenlijk niet eens over nagedacht.” Rond 2007 krijgt Geurtsen lichamelijke klachten. Hij heeft onrustige benen en denkt in eerste instantie zelf aan het restless legs syndroom (RLS). ,,Dat bleek het niet te zijn. Jaren later merkte ik dat mijn linker wijsvinger een klein beetje begon te trillen. Toen ben ik doorgestuurd naar de neuroloog en kwam er uiteindelijk een diagnose, de ziekte van Parkinson. Hoe wrang het ook klinkt, was dit ergens ook een opluchting. Eindelijk duidelijkheid.” In 2015 besluit Geurtsen om, zoals hij het zelf zegt, ‘het roer volledig om te gooien’. ,,Ik heb besloten mijn lichaam zo fit mogelijk te krijgen. Bewegen is immers goed voor Parkinsonpatiënten. Van één tennisuurtje per week ben ik naar vier à vijf keer sporten per week gegaan. Ik durf te zeggen dat ik fitter ben dan dat ik voor mijn diagnose was.” Dat blootstelling aan bestrijdingsmiddelen mogelijk heeft bijgedragen aan zijn ziekte, staat voor Geurtsen niet vast. ,,Het is een vermoeden. Dat vermoeden is ontstaan nadat ik las over wetenschappelijke onderzoeken die pesticiden en Parkinson met elkaar in verband brengen en een uitzending zag van Zembla (onderzoeksjournalistiek televisieprogramma, red.). In die uitzending kwamen Parkinsonpatiënten aan het woord die veel zijn blootgesteld aan bestrijdingsmiddelen. Eén ding is zeker: die blootstelling aan bestrijdingsmiddelen zal mij zeker niet geholpen hebben.”
Marlies Breeuwsma-Rath, Spannum DDT OP DE MUREN OM KAKKERLAKKEN TEGEN TE GAAN
,,De huizen waarin we woonden in Tanzania werden van tevoren grondig schoongemaakt en ontdaan van kakkerlakken. Dat gebeurde met DDT of iets soortgelijks. Het middel zat nog op de muren toen we erin trokken. Minstens vier anderen zijn ook ziek geworden.” Marlies Breeuwsma-Rath (71) uit het Friese dorp Spannum heeft zo’n beetje half Zuidelijk Afrika gezien. Ze woonde op verschillende plekken in Zuid-Afrika, Namibië, Zimbabwe en Tanzania. Daar deed ze vanaf de jaren zeventig af en aan ontwikkelingswerk.
Later, wanneer het gezin definitief is teruggekeerd in Nederland, krijgt Breeuwsma lichamelijke klachten. Vooral schrijven gaat moeilijk. Uiteindelijk volgt in 2008 de diagnose: ze heeft de ziekte van Parkinson. Als ze daarna publicaties leest over pesticiden en Parkinson, gaan haar gedachten terug naar haar tijd in Tanzania. ,,Ik vermoed dat daar de kiem is gelegd voor mijn ziekte”, zegt ze. In Tanzania wonen zij en haar man op verschillende locaties. Het zijn huizen die worden geregeld door de stichtingen waarvoor ze werken. ,,In die huizen waren veel kakkerlakken, zoveel had ik er nog nooit gezien. Daarom werden ze grondig schoongemaakt met een bestrijdingsmiddel. Mijn man heeft hier nog een verpakking van aangetroffen, het ging om DDT of iets dergelijks.” Dichloordifenyltrichloorethaan (DDT) is één van de meest gebruikte insecticiden uit de twintigste eeuw. Het werd zowel in de landbouw gebruikt als binnenshuis. Vanwege milieu- en gezondheidsrisico’s mag het sinds begin jaren ‘70 in veel landen - waaronder Nederland - niet meer gebruikt worden. De insecticide wordt onder andere in verband gebracht met de ziekte van Parkinson. Breeuwsma: ,,Toen wij de huizen in trokken, zat het middel nog op de muren.” Medicatie helpt nog maar deels, zegt ze. ,,Vermoedelijk draag ik de ziekte al veel langer bij me, maar had ik dit niet door. Dat de kiem is gelegd in Tanzania, is een gedachte die gebaseerd is op gevoel. Er zijn daarnaast nog vier mensen die ik ken teruggekeerd uit dit land die later eveneens Parkinson hebben gekregen. Dat sterkt mijn gevoel en maakt dat het bijna geen toeval meer kan zijn.”
Odette van Beurden-Rosier, Tilburg IK KREEG MIJN EERSTE KLACHTEN TOEN IK ELF JAAR OUD WAS
,,Mijn moeder kwam naar me toe. Ik was toen een jaar of tien. Ze oogde bezorgd en zei dat ze jarenlang een giftige insecticide had gebruikt voor haar kamerplanten. Ze hoopte dat ik er geen problemen door zou krijgen. Niet veel later kreeg ik mijn eerste klachten. ” Odette van Beurden-Rosier (58) uit Tilburg heeft al jaren de ziekte van Parkinson. De ziekte heeft ervoor gezorgd dat ze volledig is afgekeurd. Medicijnen nemen ‘gelukkig de grootste klachten weg’, zegt ze. Ze krijgt de diagnose als ze 40 jaar is. De Jobstijding is verlossend: na jaren van vage klachten heeft ze duidelijkheid.
,,En medicatie die werkt. Dat was misschien wel het belangrijkst, medicatie die symptomen bestrijdt. Ik heb lang rondgelopen met allerlei klachten die maar niet wilden verdwijnen. Van Beurden-Rosier vermoedt dat blootstelling aan pesticiden heeft bijgedragen aan ontwikkeling van de ziekte. Het gaat om bestrijdingsmiddelen die haar moeder gebruikt als zij jong is. Ze las in de media dat landbouwers die bestrijdingsmiddelen gebruiken een verhoogd risico op Parkinson hebben. ,,In mijn jeugd werd ik ook onbeschermd blootgesteld aan gif”, zegt ze. ,,Misschien heeft dat een rol gespeeld.” Van Beurden-Rosier groeit op in het noorden van Arnhem. Ze omschrijft haar moeder als een vrouw met ‘groene vingers’, iemand die goed voor planten kan zorgen. ,,Vooral de ficusplanten kregen veel aandacht. Ze maakte er bijna een sport van om de bladeren zo groot mogelijk te laten groeien. Om insecten tegen te gaan, gebruikte ze een insecticide. Ik denk dat dit DDT was, maar dat weet ik niet zeker. Ze ontdekte toentertijd zelf dat het middel dat zij gebruikte giftig was voor mensen. Daarom kwam ze naar mij toe toen ik een jaar of tien was en ging daar een gesprek met mij over aan. Ze hoopte dat ik er geen problemen door zou krijgen, zei ze.” Haar herinnering aan dit gesprek komt omhoog als ze leest over de boeren met Parkinson. ,,Ik kan alleen mijn eigens vermoedens uitspreken, meer niet. Mijn moeder gebruikte het middel een paar keer per jaar en ik stond er dan met mijn neus bovenop. Alles gebeurde natuurlijk onbeschermd.” Dichloordifenyltrichloorethaan (DDT) is één van de meest gebruikte insecticiden uit de twintigste eeuw. Het werd zowel in de landbouw gebruikt als binnenshuis. Vanwege milieu- en gezondheidsrisico’s mag het middel sinds begin jaren ‘70 niet meer in Nederland gebruikt worden. Van Beurden-Rosier: ,,Ik weet bijna zeker dat het om dit middel ging.” Haar eerste klachten krijgt ze op erg jonge leeftijd, zegt ze. ,,Ik weet nog dat ik op mijn elfde met schoolzwemmen een rare slag had in mijn rechter onderbeen. Dat was niet normaal, want ik kon toen al jaren zwemmen. En zo volgden later meer symptomen, die we niet konden plaatsen. Achteraf gezien heeft het lang geduurd voordat we wisten wat het was.”
Paul Grabowsky, Vierhuizen IK BEGRIJP DAT BOEREN GIF GEBRUIKEN
,,Na Zembla wist ik het zeker: het is geen toeval dat ik ziek ben sinds ik hier woon. Het landbouwgif waait immers gewoon naar binnen.” Paul Grabowsky (53) uit het Groningse dorpje Vierhuizen kijkt in 2019 naar een uitzending van onderzoeksjournalistiek televisieprogramma Zembla over bestrijdingsmiddelen. Die uitzending zet hem aan het denken. ,,Ik ben hier in 2007 komen wonen. En vier jaar later kreeg ik de diagnose ziekte van Parkinson.” Grabowsky, die is opgegroeid in Amersfoort, woont in een
gebied waar veel bestrijdingsmiddelen worden gebruikt, zegthij. ,,Aardappelteelt, suikerbieten, et cetera. We wonen vlakbij de velden, soms waait het gif hier gewoon naar binnen. Voorheen dacht ik daar nooit over na.” Zijn eerste klachten beginnen met onrustige benen. ,,Ik kon de trillingen in mijn linkervoet niet helemaal verklaren. Stress misschien, door drukte op het werk. Dat dacht de huisarts aanvankelijk ook. Na verschillende onderzoeken bleek ik Parkinson te hebben. Daar begreep ik niets van, want ik was toen nog maar 44 jaar oud.” Grabowsky is werkzaam in de koeltechniek als service engineer. Bij dat werk wordt hij soms blootgesteld aan koelgassen. ,,Ook die zijn schadelijk en volgens een Amerikaans wetenschappelijk onderzoek is er een mogelijk verband tussen koelgassen en het ontstaan van Parkinson. Het zou dus kunnen dat dit ook heeft meegespeeld. Maar zelf geloof ik dat de rol van bestrijdingsmiddelen groter is geweest.” Hij prijst zich gelukkig dat hij nog kan werken, zegt hij. ,,Als ik anderen zie, dan mag ik van geluk spreken dat ik dat nog kan. Tegelijkertijd blijft altijd de vraag hoe lang nog. De klachten worden almaar erger. Eerst aan mijn linkerkant, inmiddels ook rechts. De ziekte is progressief, dat schept een eng vooruitzicht.” Sinds hij vorig jaar de uitzending van Zembla heeft gezien, vermoedt hij dat blootstelling aan de bestrijdingsmiddelen die worden gebruikt in zijn woonomgeving hebben bijgedragen aan de ontwikkeling van zijn ziekte. ,,Het is niet dat ik met de beschuldigende vinger wil wijzen. Dat zeker niet. Los van het feit dat ik het überhaupt niet met zekerheid kan zeggen, begrijp ik goed dat boeren bestrijdingsmiddelen toepassen. Er is namelijk voor hen nauwelijks een alternatief.” Als het aan Grabowsky ligt, komt er een wereldwijd verbod op bestrijdingsmiddelen die schadelijk zijn voor de gezondheid. ,,Maar dan moeten we tegelijkertijd ook meedenken met de boeren. Zij moeten alternatieven hebben voor gewasbescherming.”
Peter Versteeg, Houten WE GEBRUIKTEN IN HET TUINCENTRUM ALLERLEI SOORTEN GIF
,,Er lag wel een mondkapje, maar die was zo oud dat die letterlijk onder het spinrag zat. Die bleef dus mooi liggen als ik de planten onder handen nam met bestrijdingsmiddelen. We gebruikten onder andere zineb, captan en maneb. Daarvan is inmiddels bekend dat je er Parkinson van kunt krijgen.” Peter Versteeg (67) uit het Noord-Hollandse Huizen heeft decennialang gewerkt in tuincentra en kwekerijen. In 2003 krijgt hij de diagnose ziekte van Parkinson. ,,Ik heb sindsdien geen dag meer gewerkt. Het ging gewoon niet meer.” Versteeg groeit op als zoon van een bakker in Hilversum.
Begin jaren zeventig gaat hij aan de slag bij een tuincentrum in Huizen, ook in het Gooi. ,,Ik heb daar gewerkt tot 1986. We gebruikten toentertijd allerlei soorten gif. Middelen die tegenwoordig verboden zijn. Zoals maneb, een schimmeldoder.” Als hij later een televisieprogramma ziet over het gebruik van mancozeb, een ander gewasbeschermingsmiddel dat veel lijkt op het inmiddels verboden middel maneb, wordt hij aan het denken gezet. ,,In die uitzending ging het over de gevaren van mancozeb. En dat je daar Parkinson van kunt krijgen. Toen zei ik tegen mijn vrouw: dat soort middelen heb ik ook gebruikt. Misschien ben ik daardoor wel ziek geworden.” De eerste symptomen van Parkinson ontvouwen zich bij Versteeg op jonge leeftijd. ,,Ik weet nog dat ik ergens in de jaren tachtig met mijn vrouw aan het wandelen was en zij plots opmerkte dat ik ongelijk liep. Ze had gelijk. Maar ik zocht er niets achter. Pas nu weet ik dat dit waarschijnlijk door Parkinson kwam.” Versteeg heeft in verschillende tuincentra en kwekerijen gewerkt. ,,Maar nergens werden zoveel middelen gebruikt als bij die eerste, in Huizen. Er lag wel een mondkapje, maar die was zo oud dat die onder het spinrag zat. Die bleef dus mooi liggen. We gebruikten daar ook bestrijdingsmiddelen als gramoxone (inmiddels in heel Europa verboden, red.) en reglone (ook verboden), een loofdoder.” De diagnosestelling in 2003 voelt dubbel. Enerzijds is er opluchting, want duidelijkheid. Anderzijds is er het perspectief van een ongeneeslijke ziekte. ,,Ik heb mij in eerste instantie op alternatieve behandelmethoden gestort . Van reiki tot ombuigen van energiebanen. Alles heb ik geprobeerd, niets hielp. Medicijnen gebruikte ik die eerste drie jaar niet. Ik verzwakte en kon bijna niets meer, mijn wereld werd steeds kleiner. Gelukkig hebben medicijnen mij daarna wél kunnen helpen. Ze nemen veel klachten weg.” Bestrijdingsmiddelen blijven altijd nodig, denkt Versteeg. ,,Zolang wij geen slakjes in een kropje sla dulden, blijven boeren en telers het altijd gebruiken. Wil je chemische bestrijdingsmiddelen echt uitbannen, dan zullen wij als consument op de eerste plaats ons gedrag moeten veranderen. Dat zie ik niet zo snel gebeuren.”
Paul Verheij, Houten IK SPORT HEEL MIJN LEVEN INTENSIEF, TOCH KREEG IK PARKINSON
,Duizenden kilometers heb ik sportend doorgebracht tussen de weilanden en akkers in het buitengebied van Zevenaar. Zo’n beetje elke dag was ik daar. Nu we weten dat pesticiden Parkinson kunnen veroorzaken, lijkt het mij plausibel dat ik ziek ben geworden door landbouwgif.”
Paul Verheij (57) uit Houten doet van jongs af aan veel aan sport. Hij is altijd in topconditie. Totdat zijn lichaam zich plots anders begint te gedragen. In 2007 krijgt hij duidelijkheid over zijn klachten: hij krijgt de diagnose ziekte van Parkinson. Zelf denkt Verheij dat blootstelling aan bestrijdingsmiddelen
hebben bijgedragen aan de ontwikkeling van zijn ziekte. Hij heeft daar veel over gelezen, zegt hij. ,,De wetenschap is het erover eens: er bestaat
een verband tussen blootstelling aan landbouwgif en een vergroot risico op de ziekte van Parkinson. De ziekte zit voor zover ik weet niet in de familie: er is dus geen genetisch component. Dan ga je naar andere dingen zoeken. En zo kom ik bij pesticiden uit.” Verheij groeit op in Zevenaar, een stadje in het hart van de Liemers, in Gelderland. Hoewel hij niet buitenaf woont, is hij daar wel veel te vinden. ,,Ik heb duizenden kilometers gelopen en gefietst tussen de weilanden en akkers, heerlijk vond ik dat. Ik heb destijds gezien dat daar bestrijdingsmiddelen werden gebruikt, maar stond er nooit bij stil. Niet in de zin dat het ook schadelijk voor mij zou kunnen zijn, althans.” Door zijn ziekte is hij erover na gaan denken. ,,Het is bekend dat creativiteit beschermt tegen Parkinson. Ik teken, schilder en maak beelden en meubelen, maak muziek, schrijf teksten en gedichten. Toch kreeg ik Parkinson. Ik sport mijn gehele leven intensief, toch kreeg ik Parkinson. Je gaat je natuurlijk afvragen of je werkelijk zoveel pech hebt door toeval, of dat wellicht iets tijdens je leven is gebeurd dan wel dat je iets hebt gedaan dat bij zou hebben kunnen dragen aan het ontwikkelen van de ziekte.” Wetenschappelijke duidelijkheid over in welke mate mensen worden blootgesteld aan bestrijdingsmiddelen als zij zich alleen in de omgeving van een met bestrijdingsmiddelen bespoten perceel begeven, is er niet. Verheij is ervan overtuigd dat pesticiden zich via de lucht over korte afstanden snel verspreiden. ,,Ik weet nog dat we vroeger in Zevenaar bij de juiste wind de stank van het Duitse Ruhrgebied konden ruiken. Dat is talloze kilometers. Ik geloof erin dat pesticiden zich ook makkelijk kunnen verspreiden.” Verheij is door Parkinson veranderd. ,,Als ik erover nadenk wat ik allemaal niet meer kan, dan word ik verdrietig. Datgene doen wat ik nog wel kan, houdt mij overeind. Vooral dankzij medicatie. Zonder mijn medicijnen ben ik een schim van wie ik ooit was.”
rinus Vletter, Waddinxveen DE RAMEN VAN DE KASSEN GINGEN DICHT, DAN WERKTE HET GIF BETER
,,Hij kwam steeds vaker uit de kwekerij gelopen met zijn rechterarm in zijn linkerarm gevouwen, om die trillingen tegen te gaan. Toen zijn we naar de dokter gegaan. Nee, aan Parkinson hadden we niet zo snel gedacht.” Aan het woord is Mia Vletter uit Waddinxveen, getrouwd met Rinus Vletter (76). Samen hadden ze meer dan dertig jaar een eigen kwekerij. Eerst komkommers in Voorburg, later bloemen en planten in Waddinxveen. Bij hem is op 59-jarige leeftijd de ziekte van Parkinson vastgesteld. ,,De ziekte noopte ons later om te stoppen met de kwekerij.” ,,We hadden kassen en gebruikten eigenlijk altijd bestrijdings-
middelen”, zegt Mia Vletter. ,,Bijvoorbeeld om spint tegen te gaan, dat is een vervelende infectie van mijten op planten. Tot aan de jaren negentig gebeurde dat praktisch altijd zonder bescherming, dat was toen heel gewoon. Pas later volgden al die strenge regels, dat we pakken aan moesten en dergelijke. En zijn we ook overgestapt op andere, biologische bestrijdingsmethoden.” In de kassen gaan de ramen bij gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen steevast dicht. ,,Dan was er geen ventilatie en werkte het gif beter, was de gedachte. Maar daar liep Rinus dus zonder bescherming tussendoor. Jarenlang.” Mia Vletter doet het woord namens haar man, omdat hij niet meer in staat is om het woord te voeren. Deels ook door dementie, zegt zij. Als wordt gevraagd naar welk gif er werd gebruikt, stelt zij de vraag aan Rinus. ,,Soms heeft hij plots een helder moment en kan hij een antwoord geven”, zegt zij. ,,Nu weet hij het niet, helaas. Hij is achteruit gegaan.” Een zogeheten duodopapomp heeft een tijd lang soelaas geboden. Die bracht de medicatie rechtstreeks in de dunne darm, waardoor deze gelijkmatiger wordt opgenomen en symptomen van Parkinson verminderen. ,,Maar nu met dementie is het knudde”, zegt Mia. ,,We hebben in 2006 de zaak moeten verkopen. De twee jaar ervoor hadden we de zaak al verhuurd, waardoor de overdracht niet zo rigoureus was.” Dat bestrijdingsmiddelen een rol hebben gespeeld in de ziekte van Rinus, staat voor haar zo goed als vast. ,,Jaren geleden lazen we ooit een artikel geschreven door Michael J. Fox, die Amerikaanse acteur die ook de ziekte van Parkinson heeft. Hij legde de link met bestrijdingsmiddelen. Toen begon bij ons ook een lichtje te branden. Het kan bijna niet anders of dat gif heeft aan deze ziekte bijgedragen.” Een paar weken later na het gesprek stuurt Mia Vletter een mail. ,,Het schoot Rinus toch te binnen. Pentac (dienochloor) en Calcid, een middel dat blauwzuurgas afgeeft.”
Selma Mekkelholt, Tweede Exloërmond DERTIG JAAR OUD EN MANK DOOR HET GIF
,,T-shirtje aan, korte broek en geen handschoenen. Zo stonden we voorovergebogen op de velden, jaar in jaar uit. Vanaf mei tulpen koppen en ‘s zomers bollen pellen. Zo verdienden we een zakcentje.”
Selma Mekkelholt (43) groeit op in het hart van de bollenstreek, in de Noord-Hollandse dorpjes Twisk, Abbekerk en het stadje Medemblik. Ze is 37 als ze de diagnose ziekte van Parkinson krijgt. ,,Ik kon het niet geloven”, zegt ze. ,,Een ziekte voor oude mensen, dat dacht ik toen althans. Hoe kon dit mij nu overkomen?” Tegelijkertijd valt met de diagnose veel op zijn plek. Ze heeft
dan al jaren uiteenlopende klachten. ,,Vanaf mijn dertigste liep ik mank en was ik snel moe. Daarna verloor ik ook de kracht in mijn rechterhand. De ziekte had ik dus al veel eerder.” Mekkelholt woont tegenwoordig in het Drentse dorp Tweede Exloërmond, net boven Emmen. Ze vermoedt dat blootstelling aan bestrijdingsmiddelen die zijn gebruikt op de bollenvelden heeft bijgedragen aan haar ziekte. ,,Ik ken nog vijf andere mensen uit mijn kennissenkring uit die tijd, die op jonge leeftijd de ziekte van Parkinson hebben gekregen. Dat kan geen toeval meer zijn, dat bestaat niet.” Welk gif werd gebruikt, weet zij niet. ,,We werkten met blote handen, dat deden we allemaal. Niemand wist echt af van het bestaan van gezondheidsrisico’s. Nu we dit wel weten, zou hier meer naar gekeken moeten worden. Het is belachelijk dat veel verdachte middelen nog steeds gebruikt mogen worden.” Ze is naar eigen zeggen de eerste Nederlandse met de ziekte van Parkinson die zwanger werd en medicijnen doorslikte. ,,Parkinson op jonge leeftijd is verschrikkelijk voor mensen met een kinderwens. Of ik over tien jaar nog steeds goed voor mijn kinderen kan zorgen, weet ik niet. Misschien heb ik dan veel ergere klachten. Maar we wilden dit heel graag en ik ben niet alleen. We genieten van elk moment.”
